Stel je voor dat je al zestig jaar naar een radio luistert die net niet op de juiste zender staat. Je hoort alleen maar ruis, terwijl de belangrijkste boodschap uit de geschiedenis van de mensheid vlak langs je heen zweeft. Nieuw onderzoek van het SETI Institute suggereert dat dit precies is wat er aan de hand is in onze zoektocht naar aliens.

Wetenschappers dachten altijd dat een signaal van een andere beschaving een loepzuivere, strakke lijn op onze schermen zou trekken. De realiteit is echter een stuk grilliger. Het lijkt erop dat we niet naar een heldere toon moeten zoeken, maar naar een "uitgesmeerde" echo die verborgen zit in de kosmische wind.

De kosmische ruis die alles vervaagt

Het probleem ligt niet bij de aliens, maar bij de weg die hun signalen moeten afleggen. De ruimte is namelijk niet leeg; hij zit vol met plasmawinden van sterren, vergelijkbaar met de zonnewind die bij ons het noorderlicht veroorzaakt.

Onderzoekers Vishal Gajjar en Grayce Brown ontdekten dat deze ruimtewind een signaal letterlijk uit elkaar trekt. Wat vertrekt als een scherpe frequentie, komt bij ons aan als een vage vlek. Dit effect is zo sterk dat onze huidige apparatuur het signaal simpelweg negeert, omdat het te veel lijkt op natuurlijke achtergrondruis.

  • Scherpteverlies: Een signaal van 100 megahertz kan tot wel 100 hertz breder worden door plasma.
  • Onzichtbaarheidsfilter: Bij heftig ruimteweer wordt deze vervaging nog eens vele malen erger.
  • Verouderde techniek: Onze zoekmethoden uit de jaren '60 zijn niet meer berekend op deze "brede" signalen.

Waarom we naar onszelf moeten kijken

In mijn ervaring met technologie vergeten we vaak hoe snel we zelf veranderen. Simon George van SETI merkt terecht op dat we de aarde als voorbeeld moeten nemen. In de jaren '60 zonden we sterke, smalle signalen uit. Nu gebruiken we breedband en complexe technieken die veel meer data kunnen bevatten, maar die van een afstand veel moeilijker te herkennen zijn.

Als een intelligente beschaving niet expliciet een "hallo-baken" heeft neergezet, vangen we waarschijnlijk alleen hun "lekkende" communicatie op. En die ziet er tegenwoordig heel anders uit dan een simpele pieptoon. We zochten naar een zaklamp in het donker, terwijl we hadden moeten zoeken naar een subtiele verandering in het omgevingslicht.

Zo wordt de zoektocht nu aangepast

Gelukkig is er hoop. Dankzij de enorme toename in computerkracht en de inzet van AI, kunnen we nu eindelijk patronen herkennen in die wirwar van signalen. Het is alsof we eindelijk een bril hebben opgezet die de mist wegneemt.

De tip van de expert: Zie de ruimte niet als een stille oceaan, maar als een kolkende rivier. Een signaal zal nooit in een rechte lijn bij je aankomen; het zal altijd vervormd zijn door de omgeving waar het doorheen reist.

Hoewel de kans op een match nog steeds klein is, zijn de zoekkaarten nu eindelijk geüpdatet. We tasten niet meer volledig in het duister, we weten nu in ieder geval waar de schakelaar zit.

Denk jij dat we binnen onze generatie nog een signaal opvangen dat de wereld gaat veranderen, of zijn we simpelweg nog te primitief om de buren te verstaan?