Je kent het type wel: die collega die altijd als eerste aanbiedt om over te werken, of de vriend die elke zaterdag bij de voedselbank staat. In plaats van bewondering voel je misschien een lichte irritatie of zelfs wantrouwen. Waarom voelt iemands onbaatzuchtigheid soms zo... nep?
Ik merkte dit laatst bij mezelf toen een kennis uitgebreid op Instagram deelde hoe hij een zwerver een maaltijd gaf. In plaats van "wat goed van hem" te denken, rolde ik met mijn ogen. Het voelde als een "sociale beloning" die hij niet had verdiend door het te filmen. Het blijkt dat we dit allemaal doen, en de wetenschap heeft er een fascinerende verklaring voor.
Het probleem met de 'ideale' burger
In de psychologie noemen we dit do-gooder derogation. Het is onze reflexmatige afkeer van mensen die moreel 'boven' ons staan. Onderzoekers van University College London ontdekten dit via een simpel spel waarbij mensen geld in een gezamenlijke pot moesten leggen.
Je zou verwachten dat de groep de meest gulle gever zou omarmen. Niets is minder waar. De meest vrijgevige spelers werden vaak bekritiseerd en zelfs uit de groep gestemd. De reden? "Niemand doet wat hij doet. Hij laat de rest van ons er slecht uitzien," merkte psycholoog Nichola Raihani op in haar boek The Social Instinct.
Het 'besmette altruïsme'-effect
Nieuw onderzoek van de Universiteit van Navarra werpt een nog scherper licht op deze zaak. We haten niet per se het goede doen, maar we haten de verborgen agenda. Denk aan deze scenario's:
- De verliefde vrijwilliger: Andy werkt bij een daklozenopvang, maar alleen omdat hij de manager leuk vindt.
- De sluwe barista: Andy neemt een extra shift in een koffietent om dicht bij de manager te zijn.
Logisch gezien doet Andy in beide gevallen hetzelfde (doen alsof voor eigen gewin), maar we vinden de Andy van de daklozenopvang veel erger. We vinden het onethisch om een 'heilig' doel te gebruiken voor eigen egoïstische doelen. Dat noemen we tainted altruism.
Het statusspelletje in de Albert Heijn
In Nederland zijn we allergisch voor mensen die "boven het maaiveld" uitsteken. Of het nu gaat om overdreven milieubewustzijn of opzichtige donaties aan goede doelen: we scannen de ander direct op echtheid. We wegen onbewust de sociale beloning af tegen de persoonlijke kosten van de daad.
De nuance: Als iemand iets goeds doet en daar een 'warm gevoel' van krijgt, vinden we dat prima. Maar zodra diegene die goede daad gebruikt om zijn reputatie te poetsen (denk aan greenwashing door bedrijven of virtue signaling op LinkedIn), haken we af.
Hoe je dit in je voordeel gebruikt
Wil je echt iets goeds doen zonder die vervelende bijsmaak achter te laten? Hier is een simpele regel gebaseerd op de psychologie:
- Doe het anoniem. Deelnemers in studies oordeelden veel milder over mensen die hun goede daden geheim hielden voor de buitenwereld.
- Wees eerlijk over je motief. Als je toegeeft dat je vrijwilligerswerk doet omdat het goed op je cv staat, vinden mensen je opvallend genoeg sympathieker dan wanneer je doet alsof je een heilige bent.
Eerlijkheid heft de 'sociale diefstal' op. Je claimt geen morele superioriteit, en dat stelt anderen gerust.
Uiteindelijk is er misschien geen sprake van honderd procent puur altruïsme. Maar eerlijk gezegd: als de wereld er een beetje mooier van wordt, is dat 'warme gevoel' of die extra regel op je cv dan echt zo erg?
Wat denk jij? Heb je liever dat iemand een goede daad doet met een egoïstisch motief, of heb je dan liever dat ze helemaal niets doen? Deel je ongezouten mening in de reacties.