Ergens in de ijskoude leegte van de ruimte zweeft een rotsblok dat een einde zou kunnen maken aan het leven zoals wij dat kennen. Het klinkt als het script van een Hollywood-film, maar de dreiging is wetenschappelijk gezien reëel. Toch is het antwoord op de vraag of u vannacht met een helm op moet slapen verrassend nuchter.

De asteroïde die 66 miljoen jaar geleden de dinosauriërs wegvaagde, was minstens 10 kilometer breed. Zo'n inslag veroorzaakt megatsunami’s en wereldwijde bosbranden die de lucht jarenlang verduisteren. Statistisch gezien gebeurt dit elke 60 miljoen jaar, wat betekent dat we volgens de kalender "overtijd" zijn. Maar er is een cruciaal verschil tussen ons en de T-Rex: wij hebben een plan.

De cijfers die u geruststellen

In mijn gesprekken met experts valt één ding op: we weten veel meer dan we denken. Astronomen houden duizenden Near-Earth Objects (NEO's) nauwlettend in de gaten. De huidige stand van zaken is minder eng dan de krantenkoppen doen vermoeden:

  • De reuzen: We hebben bijna 100% van de asteroïdes groter dan 10 km in kaart gebracht. Geen enkele daarvan vormt momenteel een bedreiging.
  • De middenmoot: Van de rotsen groter dan 1 km (de "beschavingsvernietigers") hebben we ongeveer 80% gevonden.
  • De risico's: Er zijn slechts 35 objecten met een kans van meer dan één op een miljoen om ons de komende eeuw te raken.

Het echte probleem: de verborgen 'city-killers'

Hoewel we de grote jongens kennen, ligt het echte gevaar in de kleinere broertjes. Asteroïdes van ongeveer 100 meter breed noemen we "city-killers". Ze vagen geen continenten weg, maar kunnen een stad als Amsterdam of Brussel in één klap van de kaart vegen.

Het verontrustende is dat we minder dan de helft van deze objecten hebben gevonden. Ze zijn donker en klein, waardoor ze soms pas op het laatste moment door onze telescopen worden opgemerkt. Maar ook hier is er licht aan de horizon. Volgend jaar lanceert de NASA de NEO Surveyor, een ruimtetelescoop die specifiek is ontworpen om deze verborgen dreigingen op te sporen.

Wat als we er één zien aankomen?

Stel dat we een inslag voorspellen, wat kunnen we dan doen? In 2022 bewees de DART-missie dat we niet machteloos zijn. Door een sonde tegen een asteroïde aan te laten botsen, slaagde de mensheid er voor het eerst in om de koers van een hemellichaam te veranderen.

De cruciale factor is tijd. Als we een dreiging een paar jaar van tevoren zien aankomen, kunnen we de baan net genoeg verleggen zodat de rots veilig langs de aarde scheert.

Een nuchtere kijk op de Apocalyps

Mocht een preventieve missie falen, dan is er nog een statistische troost. Slechts 3% van het oppervlak van de aarde is door mensen bewoond. De kans dat een asteroïde precies in de Randstad of een ander dichtbevolkt gebied valt, is microscopisch klein. Meestal plonzen ze simpelweg in de oceaan.

Mijn advies? Maak u geen zorgen over de ruimte. In plaats van te stressen over kosmische rotsen, kunnen we beter onze lokale rampenbestrijding optimaliseren. Daar hebben we bij een overstroming of zware storm in de Lage Landen immers veel meer aan.

Bent u bang dat we de volgende 'onzichtbare' asteroïde te laat opmerken, of vertrouwt u volledig op de technologie van NASA?